Smaak: hoe proeven wij

Met de mond proeven we de basissmaken: zout, zoet, zuur, bitter. Daarnaast zijn er ook enkele smaken die we niet tot de basis rekenen maar universeel kunnen waargenomen worden. Denk maar aan het alcalische van een stuk zeep, of de metaalsmaak van roest. Andere stoffen gaan dan weer in mindere of meerdere mate de smaakpapillen en slijmvliezen beïnvloeden, zelfs irriteren. Peper en gember zijn daar voorbeelden van.

De lippen en de tong zijn bijzonder gevoelig: ze vormen een verkenningspunt van warmte en koude van vast tot vloeibaar. De tong is onderverdeeld in zones: vooraan op de tong proeven we zoet, op de zijkant vooraan, het zout, het zuur nemen we waar op de lange zijkanten, terwijl bitterheid achteraan kan vastgesteld worden. De middeninkeping op de lengte is eerder ongevoelig.

Er volgen meerdere items onder dit punt

<<...terug naar catalogus