Geschiedenis van de wijnstok
De allereerste wijnstokken waren wijnranken. Pas veel later, wanneer de mens inzicht kreeg over de mogelijkheden van de wijnrank zou deze herleid worden tot de wijnstok.
We hebben het dan ook over verschillende planten: 1. de wilde wijnrank en 2. de moderne wijnplant
1. WILDE WIJNRANK OF VITIS SILVESTRIS
- Ze dateert van ver vòòr de intrede van de mens.
Het terugvinden van fosiele druivenpitten wijzen op een ouderdom van... 6 miljoen jaar.
- Aanvankelijk groeidde de wijnrank in de uitgestrekte wouden in de gematigde klimaatszones op aarde. Het verspreidingsgebied pastte zich aan naargelang de tijdperken waarin afkoelings- en opwarmingsperioden voorkwamen. De wilde wijnrank hechtte zich vast aan stammen en takken en slingerde zich zo naar het zonlicht toe om te kunnen groeien. Ook bij de moderne wijnplant valt op hoe gemakkelijk nieuwe ranken uitlopen en zich vasthechten.
- Zo vond men de wilde wijnranken in zowel Mexico als NW Amerika, Afghanistan als Egypte.
- Voornaamste kenmerk van de plant: hij was tweeslachting. Het stuifmeel werd door de wind, insecten en vogels overgedragen.
2. DE GECULTIVEERDE WIJNRANK: VITIS VINIFERA
- Vitis Vinifera wil zeggen: de wijnstok die wijn kan voortbrengen.
- De oudste aanwijzingen voor het cultiveren van wijnplanten en het maken van een drank die men wijn noemde, dateert van zo'n 6000 jaar vòòr Christus. Men vond in Georgië en de Kaukasus afbeeldingen op kruiken, vazen en schalen.
- Of het ook een smakelijke drank was blijft de vraag. Van nature uit wellicht niet. Waarom verzoette men anders de wijn door toevoeging van honing, of bracht men meer pittigheid toe door het mengen van kruiden zoals absinth. Sommige bronnen vermelden het aanlengen met...zout zeewater om hem soepelder te maken. Men dronk wellicht wijn voor het bedwelmende karakter door het alcoholgehalte.
- De ontdekking dat men van de vruchten wijn kon maken berust op toeval, zoals later ook nog herhaaldelijk zou gebeuren met verschillende vinificatietechnieken (vb. met het maken van champagne). In Voor-Azië sloeg men het sap op in buidels en zakken van kameel- en geitenleer. Door de warmte vergistte het sap, waardoor suikers in alcohol werden omgezet. Of het sap al of niet volledig vergistte, of de wijn oxideerde en azijn werd, of men de drank kon bewaren weet men op heden niet.
- Vanuit de Kaukasus begon de wijn aan de veroveringstocht van de wereld. Eerst in Egypte en Finicië (-3000j), daarna Griekenland (-2000j) om van daaruit de Provence rond de stad Marseille, Italië, Sicilië en Noord-Afrika (-1000j) te bereiken. Het zouden de Romeinen zijn die 500 jaar vòòr Christus door middel van veroveringstochten en bezettingen de kennis voor het aanleggen van wijngaarden en het maken van wijn in Frankrijk, Spanje en Portugal zouden invoeren. Eén bewijs daarvan: de Via Domitia, de heirweg die Rome met Santiago de Compostella verbond en langsheen Grès Saint Paul in Lunel loopt.
- Wat eigenaardig is, is het feit dat de moderne wijngaard in Amerika pas 800j na Chr voor het eerst van zich laat spreken. Het wijst er op dat aanvankelijk de voorhanden zijnde druivensoorten niet geschikt waren om wijn te maken. m.a.w. ze bevatten niet voldoende suikers.
(Wilfried Moeyaert 8/1/2010)
<<...terug naar catalogus